Carving

Een nieuwe en populaire techniek op het gebied van skiën. Het woord carven (snijden) is afkomstig van het snowboarden. Met carven snijden de kanten van de ski's door de bochten in plaats van te driften. De carveski is te herkennen aan het model: het is een zogenaamd getailleerde ski. De boven- en onderkant zijn breder dan het middenstuk. Nu de kinderziekten eruit zijn, zeggen de voorstanders dat de Carveski alleen maar voordelen heeft en geen nadelen kent. Zelfs beginners kunnen namelijk met deze ski's in een Schwung hun bochten draaien. De Carveski's verrichten geen wonderen, maar wel bijna! Beginners kunnen met de ski's al snel vlotjes door de sneeuw razen. Carven is zoals autorijden met stuurbekrachtiging, eenvoudiger en minder vermoeiend!


Voordelen

Carven heeft een aantal voordelen ten opzichte van traditioneel skiën.

  • Op carve ski's heb je minder snelheid nodig om een bocht te maken, dit betekent dat je in een bocht op carve ski's meer controle hebt dan op traditionele ski's.
  • De carve techniek is sneller dan de klassieke. Als je met carve ski's in een hoog tempo skiet, heb je meer controle wat minder inspanning kost.
  • Carven is minder vermoeiend dan skiën op traditionele ski's.
  • De carve techniek kan je sneller leren dan de techniek die nodig is voor klassieke ski's.
  • De wervelkolom en knieën worden minder beschadigd met de carve techniek dan op de traditionele manier.
  • Op klassieke ski's moet je steeds je gewicht van je ene op je andere been verplaatsen. Bij carve ski's verdeel je je gewicht over twee benen.
  • Het eigen stuurvermogen is op carve ski's groter dan op klassieke ski's.

Beginnen met carven

Het oefenen op carve ski's kun je het beste doen op een piste waar je bekend bent. Op deze manier kan je je helemaal concentreren op de skis en het glijden. Bereid jezelf erop voor dat je met carve ski's meestal aan de binnenkant van een bocht valt. Dit voorkomt verdraaiingen en over de kop slaan. Let op voldoende afstand op de piste. Als je traditionele ski's gewend bent is de snelheid van carve ski's een verandering. Begin, om aan je carve ski's te wennen, met je ski's ver uit elkaar en breng dit later terug tot heupbreedte.


Allroundcarver, Sportcarver of een Racecarver De Allroundcarver skiet met een lage tot gemiddelde snelheid op voornamelijk blauwe en soms (makkelijke) rode pistes. Onder sommige omstandigheden is het moeilijk om goed parallel te skiën. De voorkeur heeft dan een wendbare ski met een goede kantengrip op harde sneeuw. De ski moet slippende gestuurd kunnen worden.
De Sportcarver skiet met een gemiddelde tot hoge snelheid op blauwe, rode en af en toe zwarte pistes en kan in de meeste omstandigheden goed parallel skiën. De voorkeur gaat uit naar een wendbare ski die goed op de kanten gestuurd kan worden en ook bij hoge snelheden stabiel blijft.
De Racecarver skiet met een hoge tot zeer hoge snelheid op voornamelijk rode en zwarte pistes en kan onder alle omstandigheden goed parallel skiën. De voorkeur gaat uit naar een snelle stijve ski, die op de kanten perfect stuurt. Bij de hoge snelheden zijn stabiliteit en kantengrip absolute vereisten.

Tips en trucs Kantel voor het begin van de bocht het gewicht van de heupen in de richting van de bocht.
De armen bewegen diagonaal tegen de beenbeweging in. Dit is een heel natuurlijke beweging die je ook maakt wanneer je loopt.
Voor het beginnen van de bocht wordt de dalski (die dus bergski wordt) vanuit je heup naar voren geschoven. Bij de klassieke techniek gebeurd dit pas in de bocht.
Je hebt een frontale lichaamspositie. Je heupen staan gelijk aan je carve ski's. Let op dat je je schouders niet naar het dal of de berg draait.
Let op met... Bij carve skiën moet je op een aantal punten letten. Het is belangrijk dat je in de skirichting kijkt en niet naar de berg of het dal, verdraai je lichaam niet. Draai niet met kracht een bocht in, laat je carve ski's door de bocht glijden op de staalkant. Maak niet teveel bewegingen met je armen, want hierdoor ga je draaien. Hoog-laag bewegingen zijn niet nodig. Als je bij het beginnen van een bocht omhoog gaat, komen de ski's pas laat op de kant te staan. De ski's glijden dan niet de bocht in, maar komen in een rutschfase. Het inkanten gaat vanuit je heupen in plaats van uit je knieën. Anders worden je gewrichten bij hoge snelheden onnodig zwaar belast.